Blog/artikelen
Bereid om te sterven
- Gegevens
- Gepubliceerd: 24 mei 2012
Exodus 33:18,20
“Toen zei Mozes: Toon mij toch Uw heerlijkheid!
Hij zei verder: U zou Mijn aangezicht niet kunnen zien,
want geen mens kan Mij zien en in leven blijven.”
Mattheüs 10:39
“En wie zijn kruis niet op zich neemt en Mij navolgt, is Mij niet waard.
Wie zijn leven vindt, zal het verliezen;
en wie zijn leven verliest omwille van Mij, zal het vinden.”
Wanneer is de laatste keer geweest dat we (zoals Mozes) baden om de heerlijkheid van God te zien. Dat we zo vervuld waren van verlangen om God te kennen dat al het andere overbodig was geworden. Geen enkel vleselijk verlangen meer, puur en enkel het verlangen dat God zijn heerlijkheid toont en zo Hem in zijn Glorie te aanschouwen. Hij die gehuld gaat in een ontoegankelijk licht (1 Tim 6:15-16), waartoe de toegang ons alleen verstrekt word door de Zoon die ons de Vader heeft verklaard. (John 1:18) Geen enkel verlangen meer dan alleen: “Toon mij toch Uw heerlijkheid”!
Maar durven we dit nog te bidden als we beseffen dat dit gebed ons alles zal gaan kosten, ja zelfs het leven zelf. Want geen mens kan God zien en in leven blijven. Is hierin ons verlangen om God te aanschouwen groter dan onze behoefte om het aardse leven te behouden? Kunnen we oprecht samen met de psalmist zeggen: “Dat één dag in Uw voorhoven beter is dan duizend elders” (Ps 84:11)? Zien we in, dat één keer de heerlijkheid van God aanschouwen zo vele male beter is dan een Eeuwigheid zonder te leven?
Zijn we daarvoor bereid om ALLES op te geven? Ja, zelfs ons gehele leven, zodat wij onszelf zullen verliezen in die Heerlijkheid en we zullen leven tot Zijn Eer. Want een leven dat verloren is omwille van Jezus zal uiteindelijk een leven gewonnen zijn voor Hem. Er is geen andere weg, geen andere waarheid en geen ander leven dan in Hem alleen, want “Wie zijn leven vindt, zal het verliezen; en wie zijn leven verliest omwille van Mij, zal het vinden.” (Matt 10:39)
Jezus was serieus toen Hij zei dat een ieder die niet bereid is om alles op te geven geen discipel van Hem kan zijn. Het willen behouden van ons aardse passies en verlangens is het grootste gevaar wat een ieder mens kan overkomen die tot God komt. Iemand die tot God bidt om iets te ontvangen om het in zijn eigen hartstochten te besteden zal nooit iets ontvangen (Jak 4:3). Niet na de wedergeboorte en zeker al niet voor de wedergeboorte. We zullen geen vergeving van zonden ontvangen (laat staan al het andere wat ons in Christus is gegeven, Rom 8:32) als onze enige motivatie de vleselijke begeertes zijn. We bidden tot God omdat Hij alles waard is, dit is ware bekering. Al het overige komt te kort aan de Glorie van God.
Laat we daarom (dagelijks) bidden: “Toon mij toch Uw heerlijkheid!” Om zo naar onze eigen begrafenis te gaan om te sterven aan al onze zwaktes, aan al ons falen, aan al onze zonde, aan alles wat we in ons zelf zijn om zo in geloofsgehoorzaamheid van Hem alleen te LEVEN.
Wilt u naar aanleiding van deze pagina contact met ons opnemen, dan kunt u dat hier doen.
Tweeten

