Principe #25: Anderen niet oordelen

Velen in onze dagen oordelen en beschouwen een gelovige als niet gered of niet-wedergeboren wanneer hij niet voldoet aan een bepaalde – door de mens opgestelde – norm. Wanneer een gelovige niet voor honderd procent overwint op een bepaald gebied of wanneer hij deelneemt aan een wereldse activiteit, kan hij veroordeeld worden door iemand die beweert dat deze gelovige niet gered is. Zo’n uiterlijke veroordeling is niet geestelijk, maar is onvolwassen en gevaarlijk om te doen. Natuurlijk, als een gelovige schaamteloos doorgaat in uiterlijke zonden, moet hij in vriendelijkheid en liefde gecorrigeerd worden. Zoals God ons leert in het boek Handelingen en in bijvoorbeeld de brieven van Paulus, kunnen corrigerende maatregelen nodig zijn, mits die bepaald zijn door de Heilige Geest. Dit kan betekenen dat er van deze gelovige gevraagd wordt of hij de samenkomsten voor een bepaalde tijd wil verlaten. 

In de eerste gemeente deed de Heilige Geest dit werk van reiniging, zodat allen die zich toevoegden snel terechtgewezen werden door de Heere als zij op een bepaald gebied dwaalden.  Degenen die de Heilige Geest bedroefd hadden omdat zij een grote compromis gesloten hadden, verloren in sommige gevallen hun levens!  Het resultaat van deze reiniging door de Heilige Geest was een nog grotere eenheid onder de broeders: “En de menigte van hen die geloofden, was een van hart en een van ziel.” 

We moeten hoge eisen stellen aan de gemeente, het evangelie, de Schrift en aan onszelf, want God zegt: “Wees heilig, want Ik ben heilig.”  We moeten ook de hoogste eis stellen aan het beoefenen van de liefde van Christus en Zijn grote genade. Zonder liefde zijn wij niets. God bevestigt Zijn liefde voor ons daarin dat Christus voor ons gestorven is toen wij nog zondaars waren.  Hij onderwees ons door middel van levende voorbeelden, zoals Zijn reactie op de vrouw die vast zat in overspel, de vrouw bij de bron, de tollenaar en velen meer. Door deze voorbeelden begrijpen wij hoe wij behoren te wandelen in liefde en genade. Jezus noemt ons schijnheiligen wanneer wij ons beter voordoen dan de zondaren die vragen om Gods genade. 

De Schrift leert ons om zachtmoedig een worstelende broeder of zuster te helpen door hen de juiste richting te wijzen, maar ook op te passen voor de balk in ons eigen oog.  Wij geven deze hulp door de leiding van de Heilige Geest, met liefde, barmhartigheid, verdraagzaamheid, zachtmoedigheid en genade, zonder de Heere tegen te werken Die gelovigen Zelf corrigeert, verandert en doet groeien. Zo zijn wij allen in opbouw en zullen we niet volmaakt zijn tot wij Hem van aangezicht tot aangezicht zullen zien. De Heere herinnert ons allen: Leer uw naaste lief te hebben  en leer barmhartig te zijn. 

Wij moeten leren om elke broeder en zuster in Christus te zien als zijnde in Christus. Dit geeft ons een fundament en basis voor gemeenschap. Wanneer iemand niet in Christus is, zal er geen gemeenschap van de Heilige Geest zijn en is er geen gemeenschappelijke liefde voor de dingen van God. Christus is de eenheid van de gemeente en wanneer ieder lid van het lichaam kijkt naar het Hoofd waar ze allen mee verbonden zijn, vinden zij ook eenheid met anderen in het lichaam aan wie zij eveneens verbonden zijn. 

Het is gevaarlijk om anderen te veroordelen, want God zal dat oordeel op ons doen neerkomen in dezelfde mate.  Het veroordelen van anderen komt tot uiting in wat wij spreken, onze emoties, gedachten, harten en in onze daden. En voor God maken ze ons tot een schijnheilige. Het is de volwassenheid in Christus die maakt dat wij bidden voor degenen om wie we bezorgd zijn en om niet over hun problemen te spreken met anderen.

Een geestelijk volwassen, godvruchtige broeder in de Heere zei eens: “Ik heb ontdekt dat ik met iedere persoon gemeenschap kan hebben die mij ontmoet rond de persoon van Christus. Wanneer hij er niet op aandringt dat ik zijn manier van doop accepteer, kunnen wij van dezelfde wonderlijke gemeenschap genieten. Ik heb geweldige gemeenschap met sommige mensen die geloven dat je drie keer onder water moet gaan en ik kan ook gemeenschap hebben met hen die besprenkelen. Ik ging uit de Presbyteriaanse Kerk, maar ik kan gemeenschap met hen hebben wanneer wij samenkomen rond de persoon van Jezus Christus.” 

Liefde wenst een broeder nooit schade toe en verlangt om goed te zijn voor anderen in het huisgezin van het geloof, ongeacht hoeveel zij gefaald lijken te hebben. Liefde bedekt een menigte van zonden.  Ware liefde zoekt ernaar om anderen hoger te achten en om zelfs voor anderen te sterven.  Deze liefde kan betoond worden wanneer wij met anderen in kleine groepen samenkomen onder leiding van onze Heere. 

Wij wensen ook niet Gods oordeel over mensen in deze tijd van genade. We kunnen verloren mensen waarschuwen dat de toorn van God op hen rust, maar wij zouden moeten handelen zoals onze Heere, Die zielen zocht om te redden. Want onze Heere zei dat Hij niet kwam om de wereld te veroordelen, maar om de wereld te redden.  Toen de discipelen de Heere vroegen om vuur uit de hemel te zenden om een dorp te verwoesten, antwoordde Hij met barmhartigheid en bestrafte de discipelen voor deze gedachte.  Onze harten zouden gericht moeten zijn op het goede voor alle mensen  en in het bijzonder voor onze broeders en zusters in de Heere. 

De apostel Paulus zei wijselijk: “Oordeel daarom niets vóór de tijd, totdat de Heere komt. Hij zal ook wat in de duisternis verborgen is aan het licht brengen, en de voornemens van het hart openbaar maken. En dan zal ieder van God lof ontvangen.” 

 

Statistieken


1602preken
131compilaties
108artikelen