Principe #6: Niet afhankelijk van gebouwen

Eén van de dingen die we niet terugvinden in het boek Handelingen is het afhankelijk zijn van kerkgebouwen. Toch is er in bijna iedere christelijke kring en denominatie een nadruk op het bouwen van de kerk. Daarmee bedoelen ze niet “het lichaam van Christus opbouwen”  maar het tastbare bouwwerk, waar we in het algemeen naar verwijzen als zijnde de kerk. Er is soms een groot voordeel in het hebben van een gebouw waarin Gods volk elkaar kan ontmoeten en wat gebruikt kan worden voor de bediening van het evangelie. Echter wanneer we naar het boek Handelingen kijken, vinden we geen zichtbare vermelding dat de gemeente gebouwen bouwde. Hoewel zij elkaar op sommige fysieke locaties ontmoetten, zoals in de zuilengang van Salomo  en zelfs twee jaar lang in de school van Tyrannus,  was dit niet de gebruikelijke praktijk hoe heiligen in de rest van Gods gemeenten elkaar ontmoetten. Zelfs als we zorgvuldig kijken in de kerkgeschiedenis is het moeilijk om bewijs te vinden dat tot 300 n. Chr. een specifiek gebouw gebruikt werd, totdat onder het bewind van keizer Constantijn heidense tempels werden omgevormd tot kerken.

Er zijn duidelijke aanwijzingen dat de vroege gemeente elkaar ontmoette in de huizen van gelovigen en andere plaatsen als holen, rivieren en de catacomben (ondergrondse tunnels) in Rome. Wanneer de vervolging kwam, wat aldoor gebeurde in het boek Handelingen van de apostelen, waren zij in staat om de effecten op de gemeente te minimaliseren door ontmoetingen te verplaatsen naar andere geheime locaties in de stad of nabijgelegen steden en dorpen. “De gemeente was altijd bescheiden: er waren plaatsen waar tienduizenden gelovigen waren, zoals Efeze, terwijl zij helemaal geen gebouw hadden.”  Zelfs toen de kerkgeschiedenis vorderde en een institutioneel systeem, dat de Katholieke Kerk werd, ten tonele kwam, ontmoetten vele ware gelovigen elkaar in huizen. Om preciezer te zijn: velen ontmoetten elkaar in grotten, holen en op rivieroevers buiten de steden. Dit waren de ontmoetingsplaatsen van velen die hevig werden tegengewerkt vanwege hun getuigenis van Jezus Christus waaraan ze vasthielden. Het verbieden van de samenkomsten van gelovigen is de realiteit van de gemeente sinds haar begin.

Daarom is het een groot voordeel om te realiseren en zelfs te praktiseren dat de gemeente onafhankelijk is van het bezit en vertrouwen op een specifiek gebouw. De heiligen zouden flexibele ontmoetingsplaatsen moeten hebben.  Of die plaatsen van tijd tot tijd moeten veranderen zou een persoonlijke beslissing van iedere vergadering moeten zijn. Er zou een openheid moeten zijn voor het gebruik van verschillende structuren zoals het huren van een oud kerkgebouw of het ontmoeten in een openbare locatie. Toch lijkt het dat het historisch gezien de meest gemakkelijke, toegankelijke en bruikbare optie was om in kleinere groepen in huizen te ontmoeten. Deze wijze van ontmoeten bevordert discipelschap  en het helpen in de noden van individuele medegelovigen.

Helaas is in onze dagen de hoofdverplichting en het doel bij de stichting van een nieuwe gemeente het krijgen van een locatie waar zij een gebouw kunnen bouwen of kopen. Wij moeten dit verlangen herevalueren aangezien de tijden van vervolging toenemen en zullen toenemen.  Mogen wij onze nadruk en ons doel terugzetten op wat de vroege gemeente deed: de boodschap van het evangelie verspreiden en de armen helpen. Sommigen zullen geroepen worden tot het hebben van een gebouw, maar het lijkt erop dat de gemeente — in het bijzonder in vervolging — zal opgroeien en gezond zal zijn zonder het bezit van enig kerkgebouw.

De geschiedenis is vol van prachtige getuigenissen van de ware gemeente waar gelovigen hun verlangens van de Heere hebben gedeeld omtrent de leiding van Jezus Christus. Hier is zo'n getuigenis uit de zeventiende eeuw: “Op enig moment werd het in mij onthuld, 'dat God, Die de wereld maakte, niet in tempels woont die met handen gemaakt zijn.’ Dit leek op het eerste gezicht vreemd, omdat zowel priesters als het gewone volk gebruikelijk waren hun tempels of kerken, ontzagwekkende plaatsen, heilige grond en de tempels van God te noemen. Maar de Heere liet me duidelijk zien dat Hij niet woont in deze tempels die mensen gebouwd hadden, maar dat Hij woont in de harten van mensen. Zowel Stefanus als de apostel Paulus brachten getuigenis dat Hij niet woont in tempels die met handen gemaakt zijn, zelfs niet in die ene tempel in Jeruzalem welke Hij bevolen had te bouwen, aangezien Hij een einde maakte aan die oude bedeling; maar dat Zijn volk Zijn tempel is en Hij in hen woont.”  Gebouwen kunnen goede plaatsen zijn als herkenning voor een ontmoetingsplaats van Gods volk, maar het gevaar is dat wij de ontmoetingsplaats op zichzelf als heilig beschouwen afgezien van of God aanwezig is of niet. De aanwezigheid van God maakt onderscheid wat werkelijk van Hem is van wat dat niet is.  Moge het zo zijn dat we niet het gebouw eren, maar de daadwerkelijke aanwezigheid van de Heere, die komt als we samenkomen als Zijn lichaam. 

 

Statistieken


1601preken
131compilaties
108artikelen