Principe #7: Het volk van God is de kerk

Gezien de kerkgeschiedenis en de beweging van Gods Geest in veel groepen die voor de waarheid stonden, is een huisgemeente of een kleine samenkomst van gelovigen niet eens zo radicaal. Samenkomen op deze manier is juist een benadering waar de Bijbel de voorkeur aan geeft, in het bijzonder wanneer de gemeente vervolgd wordt. Als het belangrijk zou zijn om bepaalde kerkgebouwen te hebben om God te vertegenwoordigen en het evangelie te verspreiden, zou God dit dan niet geboden hebben in de Schrift? Hoewel we gedetailleerde instructies voor de tabernakel in het Oude Testament vinden,  vinden we een andere nadruk in het Nieuwe Testament.  We zien deze waarheid profetisch uitgesproken door Stefanus, net voordat hij de marteldood stierf: “De Allerhoogste woont echter niet in tempels die met handen gemaakt zijn, zoals de profeet zegt: De hemel is voor Mij een troon en de aarde een voetbank voor Mijn voeten. Wat voor huis zult u dan voor Mij bouwen, zegt de Heere, of wat is de plaats van Mijn rust? Heeft Mijn hand niet al deze dingen gemaakt? Hardnekkigen en onbesnedenen van hart en oren, u verzet u altijd tegen de Heilige Geest; zoals uw vaderen deden, zo doet u ook.” 

Hij sprak deze woorden tegen het Sanhedrin dat in de tempel samenkwam. God was iets nieuws aan het bewerken, waar Hij in het hart van Zijn volk woonde en niet in tempels.  Het maakte dus niet uit waar Gods volk samenkwam, omdat de aanwezigheid van de Heere met Zijn volk was.

In tegenstelling tot het bijbelse model, legt Gods volk tot op de dag van vandaag de nadruk op het gebouw, hetwelk zij ‘de kerk’ noemen, maar ze verzuimen te realiseren dat zij zelf — en dus niet een gebouw — het lichaam van Christus zijn. 

Toch moet ook genoemd worden dat sommige huisgemeentebewegingen visie en koers missen, daar waar de leiding van Christus en de leiding van de Heilige Geest worden genegeerd. Sommige huisgemeenten in landen waar geen vervolging is, worden gevormd door verbitterde mensen die zich niet onderworpen hebben aan de autoriteit of terechtwijzing van hun eerdere gemeenten. Ook spelen andere emoties zoals trots en het verlangen naar erkenning een rol, daar waar individuele personen zoeken naar aanvaarding van een doctrine of een leer die ze zelf ontwikkeld hebben. Deze houdingen zijn ook duidelijk aanwezig in prominente denominaties. Dergelijke misleidende doctrines en personen moeten weerstaan worden en er moet in liefde met hen omgegaan worden. In sommige gevallen zijn dit doctrines van duivelen  die het lichaam van Christus proberen te vernietigen en te verdelen, wat afleidingen van de waarheid van het Woord van God zijn. 

Terwijl wij in dit boek het verlangen uiten om samen te komen in kleinere groepen, zonder een fysiek gebouw, is het natuurlijk waar dat het lichaam van Christus kan functioneren in een kerkgebouw. We zien dit in sommige godvruchtige kerken, waar de leiders zonder aarzeling doorgaan met het prediken van het Woord van God en waar zij benadrukken dat Gods volk de kerk is, de tempel van de levende God. De tempel in Jeruzalem werd verwoest en God heeft Zijn heilige tempel overgeplaatst in ware gelovigen, want de Schrift zegt: “Weet u niet dat u Gods tempel bent en dat de Geest van God in u woont?”  De Schrift vertelt ons ook dat God de Vader die tempel in ons bewoont, zoals dit gezegd wordt in 2 Korinthe: “Of welk verband is er tussen de tempel van God en de afgoden? Want u bent de tempel van de levende God, zoals God gezegd heeft: ‘Ik zal in hun midden wonen en onder hen wandelen, en Ik zal hun God zijn en zij zullen Mijn volk zijn.’  De Heilige Geest en God de Vader wonen in ons,  en de Schrift vertelt ons dat de Heere Jezus ook in ons woont: “Ik ben met Christus gekruisigd; en niet meer ik leef, maar Christus leeft in mij; en zover ik nu in het vlees leef, leef ik door het geloof in de Zoon van God, Die mij heeft liefgehad en Zichzelf voor mij heeft overgegeven.” 

Stefanus gaf aan dat Gods troon in de hemel is. Andere passages beschrijven God in Zijn hemelse troonkamer met de Heere Jezus Christus aan Zijn rechterhand. De bijbelgedeelten die hierboven geciteerd zijn, zijn eveneens waar omdat God de Vader, God de Zoon en God de Heilige Geest alomtegenwoordig zijn. Zij hebben de mogelijkheid om overal op dezelfde tijd aanwezig te zijn. Zij zijn aanwezig in de hemelse troonkamer en Zij zijn aanwezig in de tempel van God, die niet met handen gemaakt is, in het innerlijk van iedere ware gelovige. Nu kunnen wij Hem aanbidden in geest en waarheid,  zonder fysieke gebouwen, omdat wijzelf de tempel van de levende God zijn geworden. 

In de eindtijd zal er een grote druk van antichristelijke geesten zijn, om mensen te verenigen in plaatsen die kerken genoemd worden, maar die helemaal geen kerk zijn.  Het ware lichaam van Christus — dat in staat is om de waarheid van dwaling te onderscheiden  — zal niet samenkomen en aanbidden in een dergelijke onheilige atmosfeer. En dus zullen huissamenkomsten, zelfs wereldwijd, verboden worden. Want iedereen die dan samen zal komen als een religieuze groep, buiten de groep van enkele door de overheid toegestane kerken, zal onwettig zijn. Dus in het licht hiervan en in dat van de voorbeelden in het boek Handelingen, is er een gezond, historisch en bijbels argument dat huizen de primaire ontmoetingsplaatsen voor de samenkomsten van Gods volk zijn, in plaats van (grote) gebouwen, die 'kerken' genoemd worden.

 

Statistieken


1601preken
131compilaties
108artikelen